Kennis

Vertrektarieven Wlz 2027: wat de NHC/NIC-correctie doet met uw vastgoedexploitatie

Vanaf 2027 clusteren de zorgkantoren zorgaanbieders in zeven groepen met elk een eigen vertrektariefpercentage, en wordt het tariefmodel geschoond voor NHC en NIC. Wat dat betekent voor de opbrengstkant van uw exploitatiemodel.

26 augustus 2026 · leestijd 9 minuten

Op 1 juni 2026 publiceerden de zorgkantoren hun meerjarige inkoopbeleid voor de Wet langdurige zorg voor 2027 tot en met 2029. Daarin zit een wijziging die precies raakt aan de manier waarop u uw vastgoedexploitatie doorrekent: de NHC en de NIC worden voor honderd procent vergoed en staan daarmee buiten de tariefkorting, en het model is daarvoor geschoond. Wie die wijziging niet in zijn exploitatiemodel verwerkt, kan de opbrengst van zorg en vastgoed verkeerd inschatten.

De vertrektarieven per cluster zelf verschijnen pas op 4 september 2026. Dit artikel beschrijft de methodiek, niet de uitkomst. Wij werken het bij zodra de percentages er zijn.

Wat een vertrektarief is

Het vertrektarief is het basis-inkoopbedrag voor Wlz-zorg: het uitgangspunt waarmee een zorgkantoor de onderhandeling over uw tarief begint. De zorgkantoren berekenen het met een gezamenlijk landelijk tariefmodel, per cluster van vergelijkbare zorgaanbieders. Het definitieve tarief komt daarna in de regio tot stand.

Voor die berekening gebruiken de zorgkantoren drie bestaande bronnen: de jaarverslagen uit het Intrakoop-bestand, de declaratiegegevens over jaar t-2 en de NZa-maximumtarieven van datzelfde jaar. Er is bewust geen aanvullende uitvraag gedaan bij aanbieders. Uw eigen jaarrekening over 2025 is dus, zonder dat u er iets voor hoeft aan te leveren, invoer voor uw vertrektarief van 2027.

De zeven clusters

Tot en met 2026 werd er alleen naar sector geclusterd. Vanaf 2027 komen daar twee verfijningen bij, wat leidt tot zeven clusters.

SectorClusters
V&Vextramuraal divers · hoofdzakelijk VPT · gedeeltelijk intramuraal
GZvolledig extramuraal · gedeeltelijk intramuraal
GGZvolledig extramuraal · gedeeltelijk intramuraal

De indeling volgt uit uw declaratiedata over t-2 en kent twee harde drempels. Declareert u intramurale prestatiecodes, dan geldt u als intramurale aanbieder, tenzij die codes minder dan één procent van uw totale Wlz-omzet uitmaken. En haalt u binnen de V&V vijfentachtig procent of meer van uw omzet uit VPT-prestaties, dan valt u in het cluster hoofdzakelijk VPT.

Die drempels zijn scherp. Zit u er met een paar procent naast, dan verschuift u naar een ander cluster met een ander vertrektariefpercentage. Voor aanbieders die tegen de grens aan zitten, is dit de eerste som die u wilt maken.

Waar het voor vastgoed om draait: het schonen van NHC en NIC

Het NZa-maximumtarief bestaat uit drie delen: een zorgcomponent van loon- en materiële kosten, een NHC-component voor de huisvesting en een NIC-component voor de inventaris. De zorgkantoren vergoeden de NHC en de NIC voor honderd procent. Het kortingspercentage geldt dus alleen voor de zorgcomponent.

Tot en met 2026 werd in de berekening nog niet op dezelfde wijze gecorrigeerd voor de NHC- en NIC-opbrengsten. Het kostenpercentage werd bepaald over alle kosten en opbrengsten, terwijl het tariefpercentage alleen op de zorgcomponent werd toegepast. Daardoor telde een deel van de kosten wel mee in de berekening, terwijl het tarief er niet op drukte. Vanaf 2027 corrigeren de zorgkantoren die overlap: zij brengen de NHC- en NIC-opbrengsten in mindering op de Wlz-kosten, en zetten die geschoonde kosten af tegen een hypothetisch scenario waarin u honderd procent van het NZa-maximumtarief zou krijgen, óók geschoond van NHC en NIC.

De rekenregel voor uw kostenpercentage wordt daarmee:

StapBerekening
Totale kostensom der bedrijfslasten − saldo financieringsbaten en -lasten
Wlz ZiN-ratioWlz ZiN-omzet / totale omzet
ZiN-gerelateerde Wlz-kostentotale kosten × Wlz ZiN-ratio
Schoning− (NHC- en NIC-vergoeding per prestatie × aantal gedeclareerd)
Kostenpercentagegeschoonde kosten / 100%-scenario excl. NHC en NIC

Let op de eerste regel. Het financieringssaldo gaat van de totale kosten af. Uw rentelasten tellen dus niet mee in het kostenpercentage waarop uw vertrektarief wordt gebaseerd, terwijl ze in uw bedrijfswaardeberekening wél als kostenpost staan. Dat zijn twee verschillende werelden, en het is verstandig om dat verschil expliciet te kunnen uitleggen als uw accountant of uw zorgkantoor ernaar vraagt.

Hoe het vertrektarief per cluster tot stand komt

De zorgkantoren berekenen per cluster twee percentages. Het eerste is het niveau waarop het tarief voor vijfenzeventig procent van de aanbieders binnen dat cluster kostendekkend is, gemeten naar aantallen. Het tweede is het niveau waarop het tarief voor minimaal vijfenzeventig procent van de markt kostendekkend is, gemeten naar marktaandeel. Van die twee wordt het hoogste percentage het vertrektarief.

Outliers doen niet mee. Vanaf 2027 geldt een aanbieder als outlier bij een afwijking van meer dan twee standaarddeviaties van het gemiddelde; daarvoor werd er ten opzichte van de mediaan gemeten. De zorgkantoren voeren twee correctierondes uit voordat een aanbieder daadwerkelijk uit de berekening valt.

Opvallend is hoe ver de transparantie gaat: de zorgkantoren publiceren de volledige Python-code van het model als bijlage bij hun inkoopbeleid. U kunt uw eigen kostenpercentage dus precies zo narekenen als zij het doen.

Wat dit betekent voor uw bedrijfswaarde

De praktische consequentie is dat u de huisvestingsopbrengst en de zorgopbrengst in uw exploitatiemodel uit elkaar moet trekken. Legt u het vertrektariefpercentage over de totale opbrengst inclusief NHC, dan rekent u een korting toe aan een component die volledig wordt vergoed, en komt uw bedrijfswaarde te laag uit. Past u het percentage helemaal niet toe, dan overschat u de zorgcomponent.

Voor een locatie met een substantiële intramurale bezetting is dat geen marginaal verschil. De NHC beslaat bij een ZZP 5vv ruim een tiende van het integrale dagtarief; het kortingspercentage werkt door op de rest. Wie die twee stromen niet scheidt, maakt een fout die met de omvang van de portefeuille meeschaalt.

Wat u nu al kunt doen

  • Bepaal uw cluster. Reken op uw declaratiedata over 2025 uit welk aandeel intramuraal is en, in de V&V, welk aandeel VPT. Zit u binnen enkele procenten van de grens van één of vijfentachtig procent, dan is uw indeling onzeker.
  • Reken uw kostenpercentage na. De definities liggen vast en uw jaarrekening 2025 is de bron. U weet dan vóór 4 september of u boven of onder het clustergemiddelde uitkomt.
  • Scheid NHC en NIC van de zorgcomponent in uw exploitatiemodel, per prestatie en per jaar.
  • Plan de herrekening. Zodra de percentages op 4 september bekend zijn, verandert de opbrengstkant van elke locatie die u tegen een vertrektarief afrekent. Dat werkt door in uw impairmenttoets voor het boekjaar.

De begrippen op een rij

Vertrektarief+

Het basis-inkoopbedrag voor Wlz-zorg, per cluster berekend met het landelijke tariefmodel. Het dient als uitgangspunt voor de tariefafspraak tussen zorgkantoor en zorgaanbieder, niet als eindtarief.

Kostenpercentage+

De ZiN-gerelateerde Wlz-kosten minus de NHC- en NIC-opbrengsten, uitgedrukt als percentage van de omzet die u zou halen bij honderd procent van het NZa-maximumtarief exclusief NHC en NIC.

NHC normatieve huisvestingscomponent+

Het deel van het Wlz-tarief dat de kapitaallasten van het gebouw dekt. Vastgesteld door de NZa en vanaf 2027 door de zorgkantoren voor honderd procent vergoed.

NIC normatieve inventariscomponent+

De tegenhanger van de NHC voor investeringen in inventaris.

ZiN zorg in natura+

Zorg die de aanbieder rechtstreeks bij het zorgkantoor declareert, tegenover zorg die de cliënt zelf inkoopt met een persoonsgebonden budget.

VPT volledig pakket thuis+

Wlz-zorg die thuis geleverd wordt, inclusief maaltijden en huishoudelijke hulp, maar zonder verblijf. De NHC in het VPT-tarief ligt aanzienlijk lager dan bij een ZZP, omdat de cliënt zelf huurt.

MPT modulair pakket thuis+

Zoals het VPT, maar de cliënt neemt alleen losse onderdelen van het zorgpakket af.

Tot slot

De correctie op de NHC/NIC-overlap is technisch van aard, maar het gevolg is dat huisvesting en zorg in uw model twee verschillende regimes volgen. Dat is een verbetering, want het sluit aan bij hoe het geld werkelijk stroomt. Het vraagt alleen wel dat uw exploitatiemodel dat onderscheid kán maken, per prestatie en per jaar.

EquiDomus rekent NHC en zorgopbrengst per zorgzwaartepakket afzonderlijk door, over de volledige resterende levensduur. Bekijk hoe de rekenkern werkt of vraag een demonstratie aan.

Bronnen

  • Zilveren Kruis Zorgkantoor, Bijlage 7: Onderbouwing vertrektarieven Wlz 2027, 1 juli 2026.
  • Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland, Inkoopbeleid zorgkantoren 2027-2029 gepubliceerd.
  • Nederlandse Zorgautoriteit, beleidsregel NHC en NIC ggz, forensische zorg en langdurige zorg.

Dit artikel beschrijft het gepubliceerde inkoopbeleid in algemene zin en is geen advies over een specifieke situatie. De vertrektarieven per cluster waren op het moment van publicatie nog niet bekend.